Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft voorlopige achterstandsscores per basisschoolvestiging gepubliceerd. Deze scores zijn berekend voor de teldatum 1 februari 2026 volgens een herijkte indicator. De PO-Raad heeft zorgen over de herijkte indicator.
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) maakt bij het onderwijsachterstandenbeleid voor het primair onderwijs gebruik van de risico-indicator onderwijsachterstanden basisonderwijs. Deze indicator is door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op verzoek van het ministerie ontwikkeld.
Met de indicator worden onderwijsscores per leerling berekend en met een bepaalde formule opgeteld tot achterstandsscores per basisschoolvestiging. Deze scores drukken dan het verwachte risico op onderwijsachterstand van een school uit. De achterstandsscores gebruikt OCW om het onderwijsachterstandenbudget over scholen te verdelen.
De indicator is recent herijkt. De achterstandsscores in deze tabellenset zijn berekend volgens deze herijkte methode (2026). De tabellen geven de voorlopige achterstandsscores per school op 1 februari 2026, inclusief een uitsplitsing naar onderbouw en bovenbouw.
In een reactie geeft de PO-Raad aan in gesprek te willen met OCW over de gevolgen van de herijking voor individuele schoolorganisaties. De voorlopige berekeningen met het nieuwe model geven de raad aanleiding voor zorgen. ‘Om te voorkomen dat onderwijsorganisaties halverwege het komende schooljaar met continuïteitszorgen worden geconfronteerd, dringt de PO-Raad aan op een latere of een getrapte invoering van de herijking. Ook zijn er vragen over de indicator zelf’, meldt de PO-Raad.