Het is bij de start van het voortgezet onderwijs niet altijd meteen duidelijk waar een leerling het beste op zijn of haar plaats is. Soms past het praktijkonderwijs (pro) beter en soms het vmbo. Vanaf schooljaar 2026-2027 is het daarom mogelijk voor elke school voor praktijkonderwijs om samen met een vmbo-school een onderbouwklas pro/vmbo vorm te geven.
Een voorwaarde hierbij is dat de school voor praktijkonderwijs niet als ‘zeer zwak’ is beoordeeld door de Inspectie van het Onderwijs. De school dient voor het project een aanvraag te doen bij het ministerie van OCW, voor een start in komend schooljaar moet de aanvraag op 31 maart 2026 binnen zijn.
In pro/vmbo-onderbouwklassen wordt gewerkt aan de kerndoelen van de onderbouw van het vmbo. Leerlingen worden in twee of drie jaar voorbereid op de bovenbouw van het vmbo. Ook mogen de leerlingen maximaal vijfhonderd klokuren per jaar samen les volgen op een vmbo-locatie. Als het passend is voor de leerling, kan hij of zij doorstromen naar het vmbo. De andere leerlingen blijven op het praktijkonderwijs en ronden daar hun opleiding af.
Ouders, docenten, scholen en samenwerkingsverbanden ervaren deze pro/vmbo-onderbouwklassen als waardevol, zo komt naar voren in de evaluatie van een pilot met deze klassen. De klassen kunnen leerlingen bij wie het rond de overstap nog onduidelijk is of het pro of vmbo het beste past, helpen om de juiste plek te vinden.
Het kan ook interessant zijn voor nieuwkomersleerlingen die nu vanwege een taalachterstand op het pro zijn geplaatst, terwijl een andere onderwijsrichting wellicht beter bij hen past. Als voordeel wordt verder genoemd dat leerlingen in deze gemengde klassen meer les op maat kunnen krijgen, doordat de expertise van het pro en vmbo wordt gebundeld. In de toekomst wordt de mogelijkheid voor een gemengde onderbouwklas pro/vmbo vastgelegd in wet- en regelgeving. Klik hier voor de huidige maatregel.