Het onderwijs zet gezamenlijk in op talentontwikkeling

16 juli 2026

De Nederlandse onderwijssectoren – vertegenwoordigd door PO-Raad, VO-raad, MBO Raad, Vereniging Hogescholen en Universiteiten van Nederland – hebben een gezamenlijke intentieverklaring uitgebracht voor het ontwikkelen van talent. Zij sluiten hiermee aan bij de talentstrategie van het kabinet om voldoende talent te ontwikkelen en zo de toekomstige welvaart van Nederland te behouden.

Nederland staat voor grote maatschappelijke en economische opgaven, terwijl de krapte op de arbeidsmarkt toeneemt. De behoefte aan talent is het grootst in sectoren die bepalend zijn voor de toekomst van Nederland, zoals digitalisering en AI, veiligheid, life sciences en biotechnologie, en energie- en klimaattechnologie. Voldoende goed opgeleid talent is daarbij cruciaal. De onderwijssectoren benadrukken dat talentontwikkeling begint bij de erkenning dat iedereen talent heeft en dat dit gericht ontwikkeld moet worden.

Belangrijk aandachtspunt is dat maatschappelijk cruciale sectoren zoals het (funderend) onderwijs, de kinderopvang, het sociaal domein, de eerstelijns- en ouderenzorg en de woningbouw te kampen hebben met hardnekkige personeelstekorten. Bovendien is op de hele arbeidsmarkt behoefte aan innovaties die de arbeidsproductiviteit verhogen, zodat beschikbaar talent optimaal kan worden benut. De onderwijssectoren willen daarom actief bijdragen aan de talentstrategie van de ministeriële taskforce toekomstige welvaart en vestigingsklimaat, in nauwe samenwerking met overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke partners.

De vijf onderwijskoepels zetten gezamenlijk in op het versterken van studiekeuze en loopbaanoriëntatie in de hele onderwijsketen. Dat begint al in de kinderopvang, waar jonge kinderen cruciale stappen in hun ontwikkeling zetten. Het primair en voortgezet onderwijs zorgen vervolgens voor een stevige basis voor alle leerlingen door versterking van het nieuwe curriculum, zodat basisvaardigheden (taal, rekenen, burgerschap en digitale vaardigheden) over de volle breedte indirect meer aandacht krijgen. Leerlingen en studenten moeten zich breed kunnen oriënteren op opleidingen en beroepen en hun talenten gericht kunnen ontwikkelen.