Intern toezicht in de Staat van het Onderwijs 2026

21 april 2026

Op 15 april publiceerde de Inspectie van het Onderwijs de Staat van het Onderwijs 2026. In het rapport beschrijft de inspectie ontwikkelingen in het onderwijs en gaat zij ook in op de rol van het intern toezicht. Voor intern toezichthouders bevat het rapport met name signalen over verantwoording, financieel toezicht en betrokkenheid bij beleidsprocessen.

Verantwoording door intern toezicht

Intern toezichthouders hebben een rol in het ondersteunen en adviseren van het bestuur en houden toezicht op de doelmatige en rechtmatige besteding van rijksmiddelen. Zij leggen hierover verantwoording af in een aparte paragraaf in het jaarverslag. De inspectie gaf herstelopdrachten op twee punten:

  • het ontbreken van inzicht in de resultaten van het handelen van de intern toezichthouder en de wijze waarop het bestuur is ondersteund en geadviseerd;

  • het ontbreken van voldoende verantwoording over het toezicht op de doelmatige besteding van rijksmiddelen.

In totaal had ongeveer twee derde van de financiële herstelopdrachten betrekking op het intern toezicht. Ook in het hbo en bij samenwerkingsverbanden passend onderwijs ziet de inspectie dat de verantwoording op deze onderdelen aandacht vraagt.

Lees hier meer over verantwoording in het jaarverslag

Beleidsrijk begroten en toezicht

Beleidsrijk begroten wordt door de inspectie genoemd als hulpmiddel bij het doelmatig besteden van middelen. Hierbij is er samenhang tussen de doelen van een bestuur en de inzet van middelen. Intern toezichthouders kunnen deze samenhang benutten in hun toezicht. Lees hier de handreiking over toezichthouden op doelmatigheid

De meeste besturen geven aan beleidsrijk te begroten, maar dit is niet altijd structureel verankerd in de organisatie. Factoren die hierbij een rol spelen zijn een gezamenlijke aanpak, beschikbare kennis en ondersteuning. Bij het proces van beleidsrijk begroten zijn naast bestuurders (97%), schoolleiders (88%) en controllers (83%) het meest betrokken. Bij 67% van de besturen is ook de intern toezichthouder betrokken. Volgens de inspectie helpt het wanneer verantwoordelijkheden duidelijk zijn en het proces van begroten en verantwoorden gestructureerd is ingericht.

Reserves en risicomanagement

Besturen houden reserves aan als buffer voor risico’s. De hoogte van deze reserves wordt door besturen zelf bepaald, passend bij hun situatie. Een goed risicomanagementsysteem kan hierbij ondersteunen, maar is niet overal aanwezig. De inspectie ziet dat het mogelijk bovenmatig eigen vermogen niet gelijk verdeeld is over besturen. Signaleringswaarden kunnen helpen bij het gesprek hierover tussen bestuur, medezeggenschap en intern toezicht.

Samenwerking met kinderopvang

Tijdens onderzoeken bij besturen constateren inspecteurs dat samenwerking met kinderopvangorganisaties steeds vaker voorkomt. Ook signaleren zij meer intensieve samenwerkingsvormen, zoals integrale kindcentra (IKC’s). In sommige gemeenten wordt deze ontwikkeling actief gestimuleerd, bijvoorbeeld door in nieuwe wijken te sturen op de realisatie van een IKC.

Samenwerking tussen basisscholen en kinderopvangorganisaties is inmiddels gebruikelijk en stabiel. Ongeveer 85% van de basisscholen werkt samen met één of meerdere kinderopvangorganisaties. Deze samenwerking richt zich vooral op gedeelde huisvesting en de afstemming van pedagogische en organisatorische processen. In een kleiner deel van de gevallen (8%) is sprake van een integrale samenwerking binnen één organisatie.

Lees hier meer over kindcentra