Het volledige bedrag voor professionalisering van teams van leraren, schoolleiders en ondersteunend personeel in primair en voortgezet onderwijs is pas vanaf 2028 beschikbaar. Dat staat in de beleidsbrief 2026-2030 van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. In deze brief werkt het ministerie de afspraken uit die in het coalitieakkoord van kabinet Jetten zijn gemaakt.
In de brief bevestigt het ministerie de kabinetsplannen dat sommige bezuinigingen van het kabinet Schoof worden teruggedraaid. Denk aan de gemeentelijke onderwijsachterstandsmiddelen voor- en vroegschoolse educatie, dat weer 60 miljoen euro krijgt vanaf 2027. Ook het programma school & omgeving voor extra leer- en ontwikkeltijd krijgt vanaf 2027 weer 121 miljoen euro. Verder worden vanaf 2029 de subsidies voor school & omgeving, de brugfunctionaris en de schoolmaaltijden omgezet in aanvullende structurele bekostiging.
Het kabinet wil dat het aantal zij-instromende leraren in het primair en voortgezet onderwijs met 15 procent toeneemt, van 1250 naar 1400 leraren. Hiervoor stelt het 88 miljoen euro beschikbaar per 2028 (in 2027 79 miljoen). En voor de zomer zal het kabinet een standpunt bepalen over het negatieve advies van de Raad van State over het wetsvoorstel strategisch personeelsbeleid en arbeidsmarktmaatregelen.