MBO wil een miljard van nieuw kabinet

15 januari 2026

De MBO Raad heeft een formatiebrief aangeboden aan informateur Rianne Letschert met vijf prioriteiten voor het nieuwe kabinet. De raad roept het nieuwe kabinet op om deze vijf punten expliciet mee te nemen in de formatieafspraken. Het gaat om verankering en financiering van Leven Lang Ontwikkelen, gelijke voorzieningen en rechten voor mbo-studenten, een eerlijke toegang tot kennisinfrastructuur en onderzoek, een nieuwe bekostiging en verlenging van de krimpregeling en tot slot een gewenste verkenning van één Wet op het Vervolgonderwijs.

Volgens de MBO Raad moet Leven Lang Ontwikkelen (LLO) wettelijk worden verankerd, zodat er structurele middelen beschikbaar komen voor volwasseneneducatie, regionale samenwerking en flexibel onderwijs. Leerrechten of individuele leerbudgetten kunnen daarbij het bij- en omscholen van werkenden versterken.

Verder verdienen mbo-studenten dezelfde kansen en ondersteuning als studenten in het hbo en wo. Dat vraagt om harmonisatie van de studiefinanciering, gratis schoolboeken en digitale leermiddelen en een wettelijke verplichting voor passende stagevergoedingen. Daarnaast pleit de MBO Raad voor uitbreiding van artikel 1 van de Grondwet, zodat discriminatie op basis van opleidingsniveau expliciet wordt verboden.

Mbo-instellingen spelen ook een steeds grotere rol in regionale innovatie. Volwaardige toegang tot publieke kennisfondsen en structurele financiering voor praktijkgericht onderzoek is daarom noodzakelijk. Uitsluiting van deze programma’s remt zowel onderwijsontwikkeling als regionale samenwerking. Erkenning van mbo-instellingen als kennisinstellingen is hierbij een essentiële stap.

Verder is door dalende studentenaantallen een bekostigingssystematiek nodig die minder afhankelijk is van instroom. De MBO Raad vraagt om voldoende overgangsmiddelen en om verlenging van de krimpregeling, zodat kwaliteit en bereikbaarheid van het mbo in alle regio’s behouden blijven.

De raad stelt tot slot voor te onderzoeken hoe één samenhangende wet voor mbo, hbo en wo kan bijdragen aan betere doorstroom, sterkere regionale netwerken en een stevig wettelijk kader voor LLO en flexibele leerroutes. Daarbij wordt ook benadrukt dat het mbo een sleutelrol vervult bij de integratie en participatie van nieuwkomers, onder meer via taalonderwijs en snelle aansluiting op werk.