Nieuwe bekostiging geeft kabinet meer grip op besteding onderwijsgeld

02 juli 2026

Er moet meer ruimte komen voor het kabinet om te sturen waar scholen hun geld aan uitgeven en scholen moeten minder afhankelijk worden van subsidies. Dat is het doel van de nieuwe vorm van bekostiging die het kabinet wil introduceren: de ‘gerichte bekostiging’. Het wetsvoorstel dat dit regelt, heeft het kabinet op 26 juni 2026 naar de Tweede Kamer gestuurd.

Voor hun dagelijkse uitgaven ontvangen scholen nu basisbekostiging via de lumpsum. Dat mogen ze binnen wettelijke kaders naar eigen inzicht vrij besteden. Extra geld dat voor een specifiek doel via de lumpsum naar scholen gaat, kunnen ze in feite dus ook aan andere zaken uitgeven. Daar is nu weinig zicht op.

Daarnaast kunnen scholen, om bepaalde ontwikkelingen op gang te brengen, diverse subsidies aanvragen. Die kunnen alleen aan specifieke doelen worden uitgegeven, maar het gaat altijd om tijdelijk geld en het aanvragen kost scholen tijd en administratie. Scholen geven vaak aan dat ze minder willen varen op subsidiegeld zodat ze betere langetermijnplannen kunnen maken.

De nieuwe gerichte bekostiging maakt dit mogelijk en is een soort tussenvorm tussen lumpsum en subsidies. Die moet ook een ontwikkeling op gang brengen, maar gaat vanzelf naar basisscholen en middelbare scholen. Scholen hoeven geen aanvraag te doen, maar wel verantwoorden op welke manier het geld is besteed aan het doel van de bekostiging. Zo hebben ze zekerheid over hoeveel geld ze te besteden hebben, maar worden de eerste jaren wel eisen gesteld. Het gaat hierbij om structureel geld.

In eerste instantie wordt de gerichte bekostiging ingezet voor het verbeteren van taal en de andere basisvaardigheden. Scholen zijn dan voor vijf jaar verplicht het geld daaraan uit te geven. Dit geld vervangt meerdere subsidieregelingen. Daarna wordt bekeken of de gerichte bekostiging moet worden verlengd of dat het geld zonder voorwaarden kan worden toegevoegd aan de reguliere bekostiging. Op termijn kunnen ook enkele andere maatschappelijke uitdagingen via de gerichte bekostiging worden aangepakt, denk aan het zorgen voor voldoende leraren voor de klas en het werken aan gelijke onderwijskansen voor leerlingen.

Volgens de VO-raad biedt gerichte bekostiging kansen, mits scholen voldoende zekerheid krijgen over de beschikbaarheid van de middelen. Wanneer middelen structureel beschikbaar zijn en na een periode van vijf jaar worden toegevoegd aan de lumpsumbekostiging, kunnen scholen investeren in duurzame verbeteringen en bijvoorbeeld personeel in vaste dienst nemen. De VO-raad en PO-Raad stellen echter dat het huidige wetsvoorstel die zekerheid onvoldoende biedt. Ook is volgens hen onduidelijk of de nieuwe bekostigingsvorm daadwerkelijk leidt tot minder administratieve lasten dan het huidige subsidiesysteem.

De VO-raad en PO-Raad pleiten ervoor om gerichte bekostiging uitsluitend te gebruiken om nieuwe geldstromen tijdelijk te monitoren voordat deze onderdeel worden van de basisbekostiging. Zolang onzeker blijft of middelen structureel beschikbaar blijven en terugvordering mogelijk is wanneer niet aan de voorwaarden wordt voldaan, verwachten zij dat scholen terughoudend zullen zijn met langetermijninvesteringen.

Het wetsvoorstel wordt later dit jaar besproken in de Tweede Kamer en vervolgens in de Eerste Kamer. De bedoeling is dat de nieuwe vorm van bekostiging per 1 januari 2028 ingaat.