Toepassing beleidsregel financiële sancties

04 december 2025

Eind 2022 heeft het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) de beleidsregel financiële sancties aangepast. Omdat de inspectie ziet dat er vragen over leven, brengt zij de regel opnieuw onder de aandacht.

Wanneer de inspectie bij een school, instelling, opleiding of een bestuur een tekortkoming ziet, geeft ze een herstelopdracht. Dit geldt ook voor besturen van samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Zij moeten de tekortkoming dan binnen een bepaalde termijn herstellen.

Op basis van de beleidsregel geeft de inspectie een financiële sanctie als men de tekortkoming niet binnen de gestelde termijn herstelt. Ook kan de inspectie meer variëren in de hoogte van de financiële sanctie. Bovendien houdt ze in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs een deel van de financiering direct in. Voorheen gaf ze eerst uitstel van betaling.

De inspectie geeft een redelijke termijn om de geconstateerde tekortkomingen te herstellen. Als de tekortkoming niet binnen die termijn hersteld is, legt zij een sanctie op. In bepaalde situaties kan de inspectie afzien van een sanctie of hem verlagen. Bijvoorbeeld als de school onvoldoende geld heeft of als de termijn om te herstellen achteraf onvoldoende lang bleek.

In het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs kan de inspectie in de eerste drie maanden maximaal 15 procent van de maandelijkse bekostiging inhouden. Om voor iedere situatie een passende en evenredige sanctie op te leggen, kan de inspectie in de praktijk variëren tussen 0 procent en 15 procent. Bijvoorbeeld als er omstandigheden zijn die reden zijn om de sanctie te matigen.

Wanneer het probleem niet opgelost wordt, kan de sanctie oplopen. Voor middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs kan de inspectie in de eerste 3 maanden tussen 10 procent en 25 procent van de bekostiging opschorten. Vanaf de vierde maand kan dit percentage oplopen en wordt de maandelijkse bekostiging ingehouden.